04 feb Start traject Inclu-zo!: samen bouwen aan inclusie in Oss
Met het traject Inclu-zo! is een belangrijke eerste stap gezet richting samenwerken inclusiever onderwijs en opvang in Oss. Als voorloper op de nieuwbouw waarin onderwijs en kinderopvang straks samenkomen, zijn betrokken scholen en partners gestart met het gezamenlijk ontwikkelen van een gedeelde visie en werkwijze. De centrale vraag tijdens deze ochtend was: hoe kijken wij eigenlijk naar inclusie en wat vraagt dat van ons samen?
Intern begeleiders en directeuren van drie schoolbesturen – Saam, Filios Scholengroep en Optimus (twee regulier en één SBO) – kwamen samen met kinderopvangorganisatie Avem en samenwerkingsverband PO 30 06 bijeen als toekomstige partners in één gezamenlijk kindcentrum.
De bijeenkomst werd geleid door Bert Wienen en Willeke Doornbos, initiatiefnemers van Inclu-zo!, die de deelnemers meenamen in de pedagogische en organisatorische vragen rond inclusie. De energie aan tafel was voelbaar: scherpe reflectie, herkenning en een gedeeld gevoel van richting.
Een andere manier van kijken
Volgens Bert Wienen begint inclusie niet bij het kind, maar bij de keuzes die professionals samen maken: “Het individuele model vraagt steeds opnieuw: wat heeft dit kind nodig om mee te kunnen doen? Het contextuele model stelt een andere vraag: hoe bouwen wij een omgeving waarin zoveel mogelijk kinderen kunnen meedoen?”
Die verschuiving in perspectief riep herkenning op bij de deelnemers. Een intern begeleider verwoordde wat veel collega’s in de zaal dachten. “Wat ik herken, is hoe snel we weer terugschieten naar individuele oplossingen. Terwijl we hier juist proberen te kijken: wat vraagt dit van ons als team en als organisatie?” Inclu-zo! nodigt scholen en kinderopvang uit om dat automatische denken te vertragen en samen te reflecteren op hun pedagogische context: de groep, het team, de afspraken en de omgeving.
Pedagogische relaties als fundament
Een belangrijk thema was de pedagogische relatie: de professionele relatie tussen kind en opvoeder, leraar of pedagogisch medewerker, die gericht is op ontwikkeling en toekomst. Juist wanneer meerdere organisaties straks onder één dak samenwerken, vraagt dit om gedeelde normen, duidelijke verwachtingen en gezamenlijke verantwoordelijkheid.
Deelnemers gingen met elkaar in gesprek over vragen als:
- Wat vinden wij goed en verantwoord onderwijs en opvang?
- Waar sluiten onze opvattingen op elkaar aan, en waar schuurt het?
- Hoe zorgen we dat ondersteuning tijdelijk helpt, in plaats van kinderen structureel buiten de groep te plaatsen?
Volgens Wienen vormt de pedagogische relatie het fundament onder inclusie, juist in onderwijs en opvang: “De pedagogische relatie is de enige relatie die als doel heeft om opgeheven te worden. Uiteindelijk moet een kind het zelf gaan doen, en daar bereiden we het op voor.”
Die gedachte raakt direct aan de praktijk, merkte één van de schooldirecteuren op. Juist wanneer het ingewikkeld wordt, komt de spanning tussen idealen en dagelijkse realiteit naar voren. Zij vertelt: “Op onze website beloven we dat ieder kind gezien wordt. Maar als het ingewikkeld wordt, merk je hoe spannend het is om die belofte ook echt waar te maken.” Het gesprek ging niet over goed of fout, maar over eerlijk kijken: waar schuurt het, en wat vraagt dat van professionals en organisaties samen?
Verzwaarde kinderopvang: onderdeel van de context
Ook verzwaarde kinderopvang (kinderopvang+) kreeg nadrukkelijk aandacht, in het licht van ontwikkelingen rond verwijzingen naar gespecialiseerd onderwijs vanuit het basisonderwijs. Niet als losstaande voorziening, maar als onderdeel van dezelfde pedagogische werkelijkheid. De kernvraag was steeds: wat gebeurt daar dan precies en hoe draagt dit bij aan ontwikkeling en deelname?
Door kinderopvang en onderwijs vanaf de start samen te laten leren en afstemmen, ontstaat ruimte om ondersteuning dichter bij de dagelijkse praktijk te organiseren en minder afhankelijk te worden van afzonderlijke trajecten of ketens.
Leren van en met elkaar
Het traject Inclu-zo! sluit aan bij de ambitie van het samenwerkingsverband om leren van en met elkaar te versterken, over de grenzen van regulier onderwijs, SBO en kinderopvang heen. Tijdens deze eerste bijeenkomst stonden ontmoeting, dialoog en gezamenlijke reflectie centraal. Regulier onderwijs, SBO en kinderopvang verkenden gezamenlijk het pedagogisch vraagstuk, inclusief de rol van verzwaarde kinderopvang (kinderopvang+), in relatie tot vroegsignalering en de doorgaande lijn. Daarmee werd zichtbaar hoe onderwijs en opvang samen optrekken als één pedagogisch geheel, met gedeelde verantwoordelijkheid voor ontwikkeling en deelname van kinderen.
Samenwerken vóór de stenen er staan
De nieuwbouw in Oss vormt een belangrijk toekomstperspectief, maar dit traject laat zien dat samenwerking niet pas begint als het gebouw er staat. Deelnemers spraken openlijk over wat samen onder één dak werken betekent voor afspraken, verwachtingen en verantwoordelijkheid. Een schoolleider vatte die urgentie kernachtig samen: “Straks zitten we onder één dak. Dan kun je niet meer ieder je eigen regels blijven hanteren – dat vraagt echt iets van ons samen.” Juist door dit soort vragen nu al te stellen, ontstaat ruimte om verschillen te benoemen en tegelijk te werken aan een gedeelde pedagogische basis.
Het Inclu-zo! Spel als hulpmiddel
Alle deelnemende scholen en kinderopvanglocaties ontvingen tijdens deze eerste bijeenkomst het Inclu-zo! Spel. Dit spel helpt teams om met elkaar het gesprek te voeren over inclusieve dilemma’s, waarden en keuzes. Niet abstract, maar concreet en herkenbaar, vanuit de eigen praktijk. Het spel wordt in het vervolgtraject ingezet binnen de eigen organisaties, zodat teams gezamenlijk kunnen reflecteren en leren, passend bij hun eigen context.
Het Inclu-zo! traject is nadrukkelijk geen blauwdruk, maar een gezamenlijk leerproces. Deze eerste bijeenkomst markeert het begin van een gezamenlijke zoektocht: samen leren, samen sturen en samen verantwoordelijkheid nemen, als stevige basis voor inclusie in Oss.
